|
Hans Bollongier "Stilleven met bloemen" 1639
|
![]() |
Een weelderige bos bloemen
staat op tafel.
De vaas lijkt nauwelijks groot genoeg voor de
overvloed aan tulpen, rozen, anemonen en anjers.
Sommige bloemen
zijn nog fris, andere zijn al verlept.
Over de tafel kruipen insecten en een salamandertje.
Het is
onwaarschijnlijk dat de Haarlemmer Bollongier deze bos bloemen naar
het leven heeft geschilderd.
Rozen en tulpen bloeien niet in
hetzelfde jaargetijde en bovendien waren in de 17de eeuw zoveel
tulpen in één vaas onbetaalbaar.
Omstreeks 1620-1630 heerste
tulpengekte. Enorme bedragen werden voor tulpenbollen neergeteld.
In 1637 stortte de handel ineens in. Bollongier schilderde dit vlak
daarná, in 1639.
| Jacob Marrel (1613/14-1681) |
![]()
|
Jacob Marrel, schilder en
etser was oorspronkelijk uit Frankenthal in Duitsland afkomstig.
In
Duitsland leerde hij de grondbeginselen van het schildersvak.
Zijn
vervolgopleiding kreeg hij in Nederland bij de stillevenschilder Jan
Davidsz. de Heem.
Ook werkte hij nog een tijdje in Antwerpen bij een
stillevenspecialist.
Marrel specialiseerde zich in
bloemenschilderijen en stillevens.
Hij vestigde zich in Utrecht, maar
verhuisde later weer naar Duitsland, waar hij stierf.
|
Ambrosius Bosschaert
"Stilleven met bloemen in een Wan-Li vaas" (1619)
|
![]() |
In een klein vaasje van
Wan-Li porselein zijn verschillende soorten bloemen overzichtelijk
uitgestald,
ondermeer een akelei, tulpen en een pioenroos.
Hun fleurige bloemblaadjes steken fel af tegen de donkere
achtergrond.
Naast het vaasje liggen nog een tulp en een cyclaam. Op sommige
bloemen zitten insecten.
Bosschaert (werkzaam in Breda) schilderde
dit bosje bloemen niet alleen omdat hij het mooi vond.
Gevlamde
tulpen waren in de 17de eeuw exotisch en dus erg kostbaar.
Daarom kan het goed zijn dat Bosschaert met bloemen en ongedierte
doelde op
Vanitas; de vergankelijkheid van alles wat mooi en duur
is.
| Balthasar van der Ast "Stilleven" 1620/21 |
![]() |
Bosschaerts schilderijtjes
waren erg geliefd, vooral bij mensen die geïnteresseerd waren in
bijzondere bloemen en planten.
Overzichtelijk gerangschikt geeft
dit paneeltje precies weer hoe bepaalde bloemen en insecten er
uitzien.
De waterdruppels op een blad zijn net echt. Ook
Bosschaerts drie zoons en zijn zwager Van der Ast schilderden zulke
stillevens.
| Balthasar van der Ast "Stilleven met bloemen" ca. 1632-57 |
![]() |
Op een tafel staat een
donkergroene, geribbelde vaas met bloemen.
Naast de vaas liggen
enkele exotische schelpen.
De schilder had deze waarschijnlijk in zijn verzameling, want de
voorste schelp, een 'conus ranunculus', komt vaker op zijn werk
voor.
Over tafel kruipen een salamandertje en een rups.
Linksboven komt, in de schaduw, een wesp aanvliegen.
Het schilderij is gesigneerd door Balthasar van der Ast, maar
waarschijnlijk heeft hij een belangrijk deel van het schilderwerk
aan assistenten overgelaten.
De ondertekening van het schilderij
is goed zichtbaar en is preciezer dan het schilderwerk erboven.
Het kan goed zijn dat Van der Ast de tekening heeft gemaakt als
richtlijn voor zijn leerlingen, zodat zij deze verder konden
'inkleuren'.